Achtste generatie
Wytze Alles van der Sluis (1783-1847)


4.1
WYTZE ALLES, veenbaas

18-11-1783 Hemrik - 3-10-1847 Wijnjeterp
x Janke Arends Jongsma Hemrik 8-2-1807
19-12-1786 Terwispel - 2-9-1826 Wijnjeterp
dv Arend Pieters Jongsma en Sytske Wiebes

1. Froukjen, 23-1-1808 Hemrik - 22-3-1830 Wijnjeterp
2. Sytske 25-4-1809 Wijnjeterp
3. Jeltje 20-12-1810 Wijnjeterp
4. Elisabeth, 31-12-1811 Wijnjeterp - 30-1-1812 Wijnjeterp
5. Alle 11-1-1813 Wijnjeterp
6. Arend 2-1-1815 Wijnjeterp
7. Luitzen 22-10-1816 Wijnjeterp
8. Elisabeth, 23-4-1818 - 13-5-1830 Wijnjeterp
9. Tjaltje 29-12-1819 Wijnjeterp
10. Pieter 18-9-1821 Wijnjeterp
11. Jan, 15-5-1825 - 31-8-1825 Wijnjeterp
12. Jan 27-8-1826 Wijnjeterp

Bij Wytze Alles zien we dat de vervening in Hemrik alweer over het hoogtepunt heen is. Hij woont en werkt een dorp verder langs de vaart, in Wijnjeterp bij de sluis. Wanneer in 1827 voor de eerste keer veen te Appelscha wordt verkocht behoort ook hij tot de kopers. Zijn oudste zoon Alle wordt daar de grote vervener. Ook te Hoornsterzwaag aan de Schoterlandse Compagnonsvaart wordt door Wytze Alles verveend.


Gezicht op de sluis van Wijnjeterp, met rechts de boerderij van
Wytze Alles van der Sluis


Dat hij in de vervening een behoorlijk kapitaal heeft verdiend, blijkt bij de verdeling van de boedel na zijn overlijden. Er valt dan te verdelen: 9 huizen, 2 schuren, een paardenhok, 18 ha. hoogveen met daarop 59850 ton turf, 23 ha. weiland, 7 ha. bouwland, 10 ha. hooiland, 41 ha. heide en veenondergrond en 5 graven. De waarde van het geheel bedraagt f 41.032,-. Bij het boelgoed dat van zijn roerende goederen gehouden wordt is de opbrengst nog eens 1054 gulden.